Ze is al eeuwen populair, past in elke tuin, ziet er fantastisch uit en ruikt vaak ook nog heerlijk. Dat kan maar over één bloem gaan: de roos. Vanaf nu, en misschien wel tot aan de eerste vorst,
siert ze weer tal van tuinen.

Foto’s: iVerde

Mooi gezelschap
Rozen combineren heel mooi met allerlei planten, maar zet ze naast planten met zilvergrijs blad – denk aan alsem, wijnruit, ezelsoor, heiligenbloem… – en hun kleur komt nog mooier tot haar recht.
Rozen en lavendel vormen een klassiek maar heel mooi duo. Bijkomend voordeel: lavendel houdt de bladluizen op afstand.
Vrouwenmantel, iris, grasklokje en Heuchera staan mooi aan de voet van rozenstruiken.
Ook mooi bij rozen: kattenkruid, salie, ereprijs, hosta, siergrassen, clematis, ooievaarsbek, ridderspoor, vingerhoedskruid….

Dit willen rozen
Rozen zijn niet echt veeleisend. Maar volgende drie dingen willen ze wel:
• Zon: geef ze een zonnige plek in vruchtbare bodem.
• Regen: rozen houden van een zacht zomerbuitje af en toe.
• Wind: rozen hebben graag dat de wind door hun takken kan spelen. Zo zijn ze na een bui snel weer droog, en dat beperkt het risico op schimmelvorming. Zet struikrozen daarom zo’n 60 tot 90 cm van een muur, klimrozen ongeveer 40 cm.

Help! Snoeien!
Bang om rozen te snoeien? Als je deze basisregels respecteert, kan er niet veel fout gaan.
• Snoei door- en herbloeiende rozen in maart. Knip in de zomer wel de uitgebloeide bloemen boven een volledig gevormd blad (met vijf deelblaadjes) weg. Eenmaal bloeiende rozen snoei je meteen na de bloei (juli).
• Snoei altijd 1 tot 2 cm boven een naar buitengericht oog (zeg maar een knop).
• Maak altijd een snoeivlak dat schuinafhelt naar buiten toe, zodat het regenwater niet op het snijvlak blijft staan en in de struik druppelt.
• Verwijder altijd dode en dorre takken, takken die tegen elkaar aan schuren en takken die naar binnen groeien.