Leen Dendievel (36) laat zich niet in een hokje stoppen. Ze acteert op televisie en in het theater, en had al twee non-fictieboeken op haar palmares staan. Voortaan staat er ook romanschrijfster op haar CV. Het net verschenen Georges & Rita is een meeslepend verhaal over een koppel dat euthanasie wilt. “Ik heb er zes jaar aan gewerkt.”

Hoe voelt het om dat boek in handen te hebben?

Leen Dendievel: “Toen het net was gedrukt, was dat een onbeschrijflijk moment. Ik schreef dit verhaal van a tot z, maar bedacht het ook zelf. Dit is persoonlijker dan mijn vorige uitgaven. Ik ben bijzonder trots ben op mezelf. Dit was nooit een ambitie, maar ik stond er altijd voor open om ook andere creatieve velden buiten het acteren toe te laten in mijn leven. Tijdens de lockdown was mijn rolluik stuk en kon niemand dat komen repareren, maar schreef ik in het halfdonker aan mijn raam voort. Het slorpte me compleet op.”

Was dit boek de aanleiding om te stoppen als Kaat in Thuis?

“Ik ben daar vertrokken omdat het verhaal op was. Ik wil ook andere personages neerzetten. Een personage spelen is wat mij betreft nooit voor altijd. Het basisidee zat al jaren in mijn hoofd. Maar kon ik wel een roman schrijven? Ik begon er met veel reserve aan. Toen het klaar was liet ik het aan enkele mensen lezen. Als die het niet goed vonden, zou het in de vuilbak belanden. Zo ben ik dan weer. (lacht) Nogal resoluut, maar dan had ik het tenminste geprobeerd.”

Wie was de eerste persoon die het boek las?

“Mijn man Udo. Een veilige optie? Oh, maar we zijn kritisch voor elkaar. Hij is sterk in grammatica. Ik ben daar minder goed in. Ik schrijf impulsief, en heb als West-Vlaamse moeite met de ‘die’ en ‘dat’-vormen. Ook enkele dt-fouten moest hij eruit halen. Ik ben daar niet beschaamd over. Ik kan niet alles. Het was laat op de avond en hij was moe. Halverwege wou hij stoppen, maar ik heb hem verplicht door te zetten. Gelukkig was hij positief.”

Euthanasie is het thema. Denk je ook al aan je eigen levenseinde? Wil je later begraven of uitgestrooid worden?

“Ik vind het altijd troostend als er een plek is om naartoe te gaan. Ik vind het zeer vervelend als men mensen uitstrooit. Dat waait meteen weg. Waar zijn die dan later? Toch wil ik niet beslissen over wat met mij moet gebeuren als ik dood ben. Die beslissing laat ik aan mijn nabestaanden. Willen ze me verbranden en uitstrooien omdat ze daar het meeste troost in vinden? Dan doen ze maar. Ik vind het even eng om in een kist in de grond gestoken te worden, dan in een brandende oven geplaatst te worden.”

Het boek ligt in de winkel. Wat nu?

“Ik voel een leegte. Het is een kunde om die leegte te laten zijn. En niet keihard op zoek te gaan naar een onderwerp voor een volgend boek. Ik weet nu wel dat ik graag schrijf. Als er nieuwe inspiratie en tijd is, zal dit niet mijn laatste boek zijn. Een volgend boek zal sowieso iets filosofisch of psychologisch zijn. Ik ben grote fan van Connie Palmen, die niet toevallig in elk boek van mij opduikt.”

Moest je door de lockdown je agenda overhoop halen?

“Er stond veel theaterwerk in de planning, maar dat is uitgesteld. Gelukkig niet afgelast. Ik weet dat ik in 2021 en 2022 ga doen wat er nu stond gepland. Hoe ik deze periode beleef? Het is wat het is. Het doet meer pijn dat de cultuursector maar blijft niet als vol aanzien worden. Mensen beseffen niet hoe hard cultuur in alles verweven zit. Terwijl cultuur ons net staande heeft gehouden tijdens de lockdown. Mensen schreven liedjes, gedichten, maakten tekeningen… Cultuur is echt nodig.”

Hoe komt het toch dat men cultuur op deze manier aanpakt?

“Omdat er mensen aan het roer staan die geen kaas hebben gegeten van de praktijk. In een ideale wereld staat er een minister aan het roer die ervaring heeft op het werkveld. Onderwijs? Graag dan een minister die voor de klas stond. Maggie De Block zit als enige op haar plaats omdat die dokter is. Het is omdat ik er zelf niet slim genoeg voor ben, want anders had ik met plezier minister van cultuur willen worden. (lacht) Ik zie die ministers voortdurend beslissingen nemen waaruit blijkt dat ze niet beseffen wat ze aanrichten. We worden onderschat, alsof we niet nodig zijn. Is elf spelers op een voetbalveld dan nodig? Als dat kan, kan cultuur ook. Ik heb het gevoel dat men stiekem blij is dat de cultuur forse klappen krijgt. Dan moeten ze minder geld uitgeven. We hebben het gevoel dat de put al gegraven is, en men wacht tot we erin vallen.”

Deze periode heeft ook financiële gevolgen.

“Ik ben blij dat ik voorlopig kan blijven creëren. Udo ook. Die maakte liedjes voor artiesten in binnen- en buitenland. Gelukkig maar, want niemand durft nog optredens boeken. Ik heb nooit financiële doemscenario’s in mijn hoofd. Ik heb handen aan mijn lijf. Als het moet, ga ik elders werken. Maar bij voorkeur is dat dan wel een job die dusdanig flexibel is dat je vrij kunt krijgen om ook audities te blijven doen.”

Deze JET is er een special rond cocoonen. Doe je dat vaak?

“Eigenlijk wel. Want om gezellig te cocoonen heb ik niks meer nodig dan een zetel, een goeie latté en veel licht. Tijdens zulke momentjes kan ik echt gelukkig zijn. Ik ben op een leeftijd gekomen dat ik niet meer in het weekend altijd op café wil zitten. Met het ouder worden geniet ik meer van thuis zijn. In mijn eigen omgeving, met de man die ik graag heb. Wat wil je nog meer?”

 

Leen signeert haar boek op 6 november in de Standaard Boekhandel van Genk.