Klik hier, scan en ontdek meer

“De liefde voor mode

erfde ik van mijn moeder”

 

Wie weet ben je in een kledingwinkel al op een jurk of shirt gestoten van Frances Lefebure (32). Jawel, de presentatrice en actrice mag zich sinds een tweetal jaar ook ontwerpster noemen. In oktober verschijnt de volgende kledingcollectie en als het van Frances afhangt is dat zeker niet de laatste. “Ik heb de liefde voor kleding van mijn moeder geërfd”, vertelt ze.

door: Tom Vets

Je dook al in verschillende gedaantes op in de media, maar niet zoveel mensen weten dat je ook nog ontwerpster bent.
Frances: “Klopt. Voor een buitenstaander is dat misschien heel verrassend, maar ik heb altijd een passie voor kledij en stijl gehad. Denk nu niet dat ik op de voet volg wat andere ontwerpers op de markt brengen en hen kopieer. Ik maak geen high end-fashion. Ik hou weliswaar rekening met de kleuren die in de mode gaan zijn. Maar als die wat mij betreft spuuglelijk zijn, ga ik die toch niet gebruiken. Ik wil echt mijn smaak doordrukken.”

Heb je al mensen gezien die iets van jou kleren dragen?
“Onlangs liep ik met Boris (Vanseveren, haar man, red.) door het Stadspark in Antwerpen. Een vrouw passeerde met een buggy en we zagen dat ze een kleedje uit de laatste nieuwe collectie droeg. Da’s zo vree wijs om te zien dat iemand iets heeft gekocht dat je destijds zelf van scratch hebt bedacht. Eigenlijk is die kledingcollectie zoals een tv-programma. Je maakt die voor een zo groot mogelijk publiek en wacht bij de release op appreciatie.”

Hoe begin je aan zo’n collectie?
“Ik werk nauw samen met Laura, die al zeven jaar mijn styliste is. Het hele jaar door sturen we elkaar ideetjes uit modebladen of tv-programma’s. Onze pinterest-pagina’s staan propvol. Soms zelfs met een foto van Japans porselein omdat we die kleur zo mooi vinden. Als we samen de stijl hebben vastgelegd begint het schetsen. Dat is een zeer lang en intensief creatief proces, maar ik zou het niet anders willen. De fabrikant schrok zich destijds rot toen ik zei dat ik alles op mijn eentje wou doen. ”

Was jij vroeger als kind al begeesterd door mode?
“Ik vond kleding altijd heel belangrijk. Als kind had ik al een uitgesproken mening. Ik wist perfect wat ik ’s ochtends wou aantrekken . Gelukkig ging mijn moeder mee in mijn visie. Zij was vroeger ook altijd om door een ringetje te halen. Ze had een uitgesproken en meer edgy stijl. Aan de schoolpoort tussen alle tientallen mama’s pikte je haar er zo uit. Dus die voorliefde voor mode heb ik van geen vreemden.”

Je hebt geen modeopleiding gevolgd. Dat moet toch een handicap zijn?
“Absoluut. Gelukkig leer ik elk seizoen bij. Ik was destijds heel eigengereid, maar ondertussen ken ik de do’s en don’ts in deze sector. Ik betrap me er zelfs op dat als ik nu iets ontwerp, ik ook al als een ondernemer begin te denken.”

Hoe zou je je stijl omschrijven?
“Die is elke keer totaal anders. Elke keer kom ik met iets totaal nieuw op de proppen. Een beetje tot wanhoop van het bedrijf dat mee zorgt voor de realisatie. Als er bepaalde items erg goed hebben verkocht, is het logisch om iets nieuw in dezelfde strekking te maken. Maar ik ben zo niet. Steevast hetzelfde maken zou super saai zijn voor mij. Zolang het geen sleur dreigt te worden, doe ik hiermee verder.”

Iets anders. Je filmde recent de serie F*ck you very very much met je boezemvriendinnen Evelien Bosmans en Daphne Wellens. Heeft dat jullie band veranderd?
“Oh nee, die is nog steeds dezelfde. Heel fijn, want daardoor voelden die opnames niet als werken aan. Omdat het vertrouwen in elkaar zo groot is, durf je zelfs op een set meer proberen. Er was minder gêne om op je bek te gaan. Bovendien zijn het goeie actrices. Kortom, alles voelde mega comfortabel aan. We leerden elkaar kennen op de dag dat ik examen aflegde aan het conservatorium. Dat was het jaar na de dood van m’n moeder. Het was een breuklijn in m’n leven, een nieuwe start. Verhuizen naar een andere stad, nieuwe mensen leren kennen…. Ik zou m’n vriendinnen niet meer kunnen wegdenken. Ze werden familie.”

Komt het acteren nu weer meer op de voorgrond?
“Dat is toeval. Ik heb de voorbije jaren altijd mooi kunnen afwisselen tussen acteerwerk en presentatie-opdrachten en hoop dat dit nog lang blijft duren. Er ligt zelfs nog een eerder opgenomen serie, Een Goed Jaar, te wachten op de release. Momenteel focus ik weer op twee nieuwe non-fictietitels voor VTM. Eéntje daarvan, Cupido Ofzo, is pas volgend jaar op het scherm te zien.”

Is Make Belgium Great Again een afgesloten hoofdstuk?
Voor een volwaardig seizoen voorlopig wel. Ik denk dat VTM heus nog wel vragende partij is om meer te doen, maar dat programma is erg arbeidsintensief. Zelfs als host was ik voor zeven afleveringen al vijf maanden erbij betrokken, de makers zelfs een jaar. Wellicht mikken we op korte specials zoals vorige winter, toen vroegen we aandacht voor kinderarmoede.”