Frances Lefebure

Frances Lefebure (29) is niet in één vakje te stoppen. De voorbije jaren dook ze op als actrice in heel wat Vlaamse series zoals Amigo’s en Spitsbroers, maar ze is ook koppelaarster in Hotel Römantiek én presentatrice van Café De Mol op Vier. “In de televisiesector kom je er alleen met talent niet. Netwerken en BV-feestjes bezoeken om contacten te leggen is even belangrijk.”

Voor Hotel Römantiek filmde je twee weken in Portugal. Ben je een fervent reizigster?

Frances: “Ik was er al één keertje eerder geweest, maar dan in Lissabon. Nu hebben we uitsluitend gefilmd in Sagres in de Algarve, op het meest zuidwestelijke punt van Europa. Die opnames in het buitenland zijn een mooie bonus, want ik ben een reislustig type. Ik ga vaak op reis en maak dan vooral citytrips. Altijd wel in Europa hoor. Ik denk aan het milieu en wil niet voor een korte citytrip een urenlange vlucht naar een ander continent maken.”

Welke verre bestemming heb je recent nog gedaan?

“Onze laatste lange reis was vier weken naar Vietnam. Mijn lief en ik hebben ooit beslist dat we elk werelddeel willen bezoeken. Eerder waren we in Argentinië, in Zuid-Amerika. En nu kozen we voor Zuidoost-Azië.  Vietnam heeft het voordeel van zeer goedkoop te zijn, waardoor we al eens op hotel konden verblijven. We kiezen nooit voor grote luxe op vakantie. Het mag wel ietsje meer zijn dan superbasic. Maar meer dan eens hebben we gewoon op het platteland in de hutjes van lokale mensen overnacht. Als wij op reis gaan, kiezen we steevast voor de verborgen parels om te verkennen. We kiezen niet voor de toeristische bezienswaardigheden waar grote hordes toeristen je onder de voet lopen. Daar ben ik allergisch aan.”

Plan je veel al thuis?

“Niet zo veel. We bekijken enkel waar we de eerste nachten kunnen slapen, maar ander logement zoeken we pas ter plekke. Wat de af te leggen route betreft, lezen we thuis alle reisboeken en Lonely Planets, waar alle must-sees in staan. Maar ook dat is geen strak uitgeschreven scenario dat we volgen. We laten de dingen op ons afkomen. Nog een tip is gewoon praten met de bevolking. Die weten ook altijd meer dan sommige reisgidsen.”

Ga je soms alleen op reis?

“Nee. Mijn vriend, die ik leerde kennen achter de schermen van televisie, gaat altijd mee. We zijn ondertussen vier jaar samen. De liefde is langzaam maar zeker gegroeid. Sommige mensen overkomen een coup de foudre, maar zoiets heb ik nooit ervaren. Ik weet ook niet hoe het voelt. Ik kan ook moeilijk inschatten of het is voorgekomen tijdens de opnames van Hotel Römantiek. Al waren er mannen die al na enkele dagen stilletjes kwamen zeggen dat ze één van de dames wel ‘een toffe’ vonden.”

 

Voor dat programma trok je op met ouderen. Schrikt oud worden je af?

“Absoluut niet. In september vier ik mijn dertigste verjaardag en ik kijk zelfs uit naar die mijlpaal. Met veertig en vijftig jaar zal dat ook zo zijn. Elke leeftijd heeft iets moois. Ik was alleen niet zo graag een kind. Niet dat ik slechte herinneringen heb, maar ik vond het veel fijner om een tiener te zijn die op de drempel van het volwassen en zelfstandige leven stond met alle vrijheid daaraan gekoppeld. De enige schrik bij het ouder worden is dat ik zou geconfronteerd worden met een enge ziekte. Al mijn grootouders zijn gestorven aan kanker. Ook mijn moeder is overleden na een ziekbed van vijf jaar toen ik zeventien was.”

Heeft Hötel Romantiek je iets geleerd over de liefde?

“Dat het misschien toch mogelijk is om je hele leven met één partner te delen. Ik heb daar lang aan getwijfeld. Zelfs al ben ik nu toch wat jaartjes samen met mijn vriend. Tijdens de opnames sprak ik met mensen wiens partner was overleden. Ze waren veertig jaar getrouwd geweest, en dachten daar nog elke dag aan omdat hun huwelijk zo geweldig was. Als ik dat dan hoor, geloof ik weer een tikkeltje meer in eeuwige liefde.”

Wist je altijd dat je actrice wou worden?

“Met mijn zus en nichtjes maakte ik tijdens onze jeugd toneelspellen. Ik schreef het scenario uit op papier en was de regisseur die baas was over alles. (lacht) Of op een tafel, die dienst deed als podium, zong ik voor een spiegel. Dat was mijn versie van Tien Om te Zien.”

Je draait al even mee, maar toch doet je naam niet overal een bel rinkelen. Hoe komt dat?

“Ik cijfer me nogal weg. Ik ben niet iemand die zelf de boekjes opbelt met nieuws. Ik ga ook niet aan programma’s met BV’s meedoen, louter en alleen om op televisie te komen. Voor mij hoeft het BV-schap ook niet. Een tijdje geleden sprak ik op Woestijnvis met iemand over een nieuw programma. Toen ik vertelde dat redactiewerk al meer dan voldoende voor mij was, werd ik tot de orde geroepen. Blijkbaar willen mensen me echt op televisie vanwege mijn persoonlijkheid, en mag ik wat gretiger zijn qua ambities.”

Dan moet je dat toch doen?

“Eigenlijk wel. Het presentatiewerk kan een welgekomen afwisseling zijn als er wat minder acteerwerk is.  De Vlaamse fictie is goed bezig, maar er zijn veel goede acteurs. De rollen vallen niet uit de lucht. Met talent alleen kom je er niet. Je moet voortdurend audities aflopen en als het kan ook BV-feestjes afstruinen om contacten te leggen. Sommige mensen zeggen dat je carrière vertrokken is als je een grote rol hebt gescoord in een goed bekeken reeks. Maar een vaste stek veroveren in de tv- en filmwereld is maar weinigen gegeven.”

Tom Vets / Frank Abbeloos